Verslag van de 5 daagse Battlefield Tour naar de invasiestranden van Normandië

 

Woensdag 26 mei:

Woensdag 26 mei vertrokken 28 deelnemers aan de Battlefield Tour Normandië 2010 vanaf  het Airborne Museum in Oosterbeek en enkele opstapplaatsen onderweg naar Frankrijk voor de 5-daagse Normandië tour.

 

 

In de bus (foto: Wybo Boersma)

 

Na een voorspoedige reis via België en Noord-Frankrijk bereikten we om zeven uur ’s avond ons bekende hotel Campanile in Bayeux . Onderweg kregen we van de gidsen Wybo en Robert vast informatie over de aanleiding van de invasie, zodat we wisten wat ons te wachten stond. Jaap Korsloot van de Vereniging Vrienden van het Airborne Museum gaf nog aanvullende informatie.

 

Donderdag 27 mei:

De dag begon vroeg met een bezichtiging van de restanten van de kunstmatige haven en Gold strand, vanaf de hoge kust bij Arromanches.

 

Uitzichtpunt Arromanches (foto: Lies de Pater)

 

Het was eb, zodat de caissons goed te zien waren. Vervolgens werd het D-day Landingsmuseum in Arromanches bezocht. Dit museum is een aantal jaren geleden geheel vernieuwd. Gelukkig zijn de maquettes van de kunstmatige haven bewaard gebleven. Ze geven een goed beeld van de opbouw van deze haven. Vanuit het museum kan je dan de resten in zee zien liggen. Via de smalle landwegen op naar de Duitse batterij van Longues sur Mère. Dit is een van de bekendste batterijen en hij wordt druk bezocht. Het gevolg is wel dat de voorzieningen voor het publiek ook steeds groter worden. Dit gaat helaas wel deels ten koste van de authenticiteit.

 

Longues sur Mère (foto: Wybo Boersma)

 

Op de Amerikaanse begraafplaats bij St.Laurent word je even stil als je de duizenden graven van veelal jonge soldaten ziet die tijdens en na de invasie in Normandië gesneuveld zijn. Ook hier zie je elk jaar de voorzieningen bij de begraafplaats groter worden. Dat is echter onvermijdelijk, omdat het aantal bezoekers steeds toeneemt.

 

De US begraafplaats St. Laurent (foto: Lies de Pater)

 

Bij Point du Hoc waar de Amerikaanse Rangers de steile rotsen moesten beklimmen waren grote renovatiewerkzaamheden aan de gang. De rotsen hebben door de bombardementen zo geleden dat de erosie dramatische vormen gaat aannemen. Met een groot Amerikaans project wordt nu geprobeerd deze erosie te stoppen . Het monument wordt gerestaureerd en de kliffen verstevigd. De middag werd besteed aan de acties van de Amerikaanse parachutisten met een bezoek aan La Fière met de damweg over de Merderet, het monument Iron Mike, en aan de plaats St. Mère-Eglise met het Airborne Museum, zijn beroemde kerk en de vele souvenirwinkels.

 

De kerk van St. Mère Eglise (foto: Wybo Boersma)

 

Op de terugweg naar het hotel hebben we nog een bezoek gebracht aan de Duitse begraafplaats La Cambe met het documentatiecentrum. Een lange en vermoeiende dag waar veel gezien en ervaren werd. Deze werd afgesloten met een heerlijk Frans diner.

 

Vrijdag 28 mei:         

In de plaats Ranville gaf gids Robert Voskuil een uitgebreide uitleg van de acties van de Britse 6e Airborne divisie.

 

Robert Voskuil geeft uitleg bij Ranville (foto: Wybo Boersma)

 

Op de begraafplaats rond de kerk bezochten we het graf van de eerste gesneuvelde parachutist bij de Pegasusbrug.

 

Bezoek aan de Britse begraafplaats in Ranville (foto: Wybo Boersma)

 

Vervolgens een bezoek aan de batterij van Merville waar het museum ook vernieuwd en uitgebreid was. De aanvulling in een van de bunkers over de inzet van de Brigade Peron was van een laag niveau, maar misschien moet dat nog uitgebouwd worden. De nieuwe experience is niet een geheel juiste weergave van de historie, maar geeft wel het gevoel er bij te zijn. Na een rondrit over de verdedigingslinie van de 6e Britse Parachutisten divisie kwamen we bij de Pegasusbrug en het bijbehorende museum. Vooral de replica van een Horsa glider is indrukwekkend. Het museum is goed ingericht, alleen de film geeft wat bij elkaar geraapte beelden te zien die niets met Normandië te maken hebben. In het café Gondrée genoten we een eenvoudige lunch. De vele souvenirs van veteranen bedekken daar de wanden. De tocht ging vervolgens langs de Britse en Canadese stranden, waarbij vooral het zogenaamde Norman house op het Canadese strand Juno de aandacht trok. Bij het Canadese museum Juno Centre werd gestopt om de daar opgestelde tank te bewonderen. In Courselles bekeken we de DD Sherman tank. Terug in Bayeux hadden de liefhebbers de gelegenheid het beroemde tapijt van Bayeux en de kerk te bekijken.

 

Zaterdag 29 mei:

In de ochtend bezochten we het Le Mémorial de Caen. Ook hier bleek het museum veranderd. De collectie bleek op een andere wijze opgesteld, minder thematisch en meer in een verhaallijn. Anderhalf uur is eigenlijk te kort om het enorme museum goed te zien. Na het bezoek aan het museum gingen we het binnenland in. Jaap Korsloot gaf een uitgebreide uitleg over de verschillende mislukte operaties om de stad Caen te veroveren.

 

Uitleg van Jaap Korsloot bij Scots Corner (foto: Lies de Pater)

 

Onderweg naar Cote 112 stopten we bij het monument van de 15th Schotse divisie bij Tourville Op Cote 112 was een grote kaart, waarop de verschillende aanvallen duidelijk aangegeven zijn.

 

De kaart op Heuvel 112 (foto: Lies de Pater)

 

Een bezoek aan de Poolse begraafplaats, waar zelfs Polen begraven liggen die aan de Spaanse burgeroorlog deel genomen hadden, liet ons iets zien van het grote lijden van de Polen. Bij St. Lambert sur Dives is sinds enkele jaren een uitzichtpunt ingericht, vanwaar men een goed uitzicht heeft over het dorp, en de gevechten van de Canadezen uitgelegd kunnen worden. Dit deed Robert Voskuil voortreffelijk.

 

De drie gidsen bij St. Lambert (foto: Lies de Pater)

 

Vervolgens gingen we daar de tweede doorwaadbare plaats over de rivier bij Moissy gaven een idee van de Corridor van de Dood waar Duitse troepen probeerden door de omsingeling uit de zogenaamde Zak van Falaise te ontsnappen.

 

De doorwaadbare plaats bij Moissy (foto: Roy Hunsel)

 

Vanaf de Mont Ormel hadden we een goed overzicht over de vallei en de gevechten van de 1e Poolse Pantserdivisie. Na een korte stop bij het café Montormel kwamen we tegen de avond weer in Bayeux.

 

Zondag 30 mei: 

Terugreis naar Nederland. Tijdens de terugreis gaf Wybo Boersma in de bus nog een nabeschouwing over de oorlog in West-Europa, en bekeken we nog enkele films. Rond zes uur arriveerden we na een indrukwekkende, maar ook vermoeiende reis weer bij het Airborne Museum in Oosterbeek.

 

Voor 2011 zal een geheel vernieuwde Normandië tour worden samengesteld, waarbij we deze keer plaatsen willen bezoeken die minder bekend zijn. We krijgen daarbij steun van lokale gidsen. De geplande datum is van woensdag 1 tot en met zondag 5 juni 2011.

 

 

 

 

naar boven